Skip to main content

Wat als de Mercedes G-Klasse echt up-to-date was?

De Mercedes G-Klasse als hoekig oermodel en de elektrische aandrijflijn van heden ten dage blijken geen goed huwelijk te zijn. Had een moderne G anders wel kunnen werken?

Afgelopen week kwam het nieuws naar buiten dat de Mercedes G-Klasse als EV niet zo’n daverend succes is . Het is ook een wat gekke combinatie, zo’n hoekige zeecontainer als futuristisch elektrisch model. Het gaat nooit echt lekker werken. Zeker niet voor dat geld.

Mercedes G-Klasse

Mercedes is immers vastberaden dat de G-Klasse blijft bestaan, want het is één van hun iconen. Helaas is het nou eenmaal nooit een milieutechnisch houdbaar recept om zo’n bakbeest zonder aerodynamica uit te brengen.

De reden daarvoor is natuurlijk dat de Mercedes G-Klasse als potent militair voertuig eerst heel functioneel is ontworpen. Maar de hoekige allemansvriend is een eigen leventje gaan leiden. Het verloop daarvan is vrij bekend, uiteraard. Het begon als driedeurs utilitair voertuig met vierwielaandrijving, waar in 1979 een consumentenversie van kwam. Deze werd gebouwd door Steyr-Puch in Graz. De eerste G is er dan ook geweest onder het logo van Steyr-Puch en zelfs nog tijdelijk als Peugeot (P4).

De civiele versie volgde hetzelfde recept als bijvoorbeeld een Land Rover. Luxepaarden wensten op een gegeven moment meerdere motoren. En vier deuren. En manieren om de auto iets beter te maken voor alledaags gebruik. Op een gegeven moment begonnen de offroad-capaciteiten van de G-Klasse bijna niet meer uit te maken.

In plaats daarvan werd de ‘aangeklede’ versie met V8 steeds populairder en kwam zelfs de G65 AMG met V12. Van potente offroader naar handtasje, zo makkelijk kan het gaan. Grappig genoeg is de G-Klasse altijd in één generatie gebleven, dus zelfs de zwaar gefacelifte modellen die tot en met 2018 gebouwd werden, stonden in de basis gelijk als de eerste G’s uit 1979.

Nieuwe G

Bij een nieuwe G-Klasse kon Mercedes twee dingen doen. De ene noemen we voor het gemak even de Land Rover-manier, waar je na 40 jaar ineens iets radicaal anders gaat doen (à la Defender). Onder de streep creëert dat een betere auto, want je kan met een schone lei beginnen. Mercedes koos voor de andere manier: niks veranderen. Ja, het hele platform en interieur is nieuw, maar qua uiterlijk zijn de verschillen marginaal.

Dat is wel een beetje waar, zoals gezegd, de ‘G 580 with EQ-Power’ vastliep. De combinatie stokoud concept en hagelnieuwe techniek is wat lastig. Mercedes heeft miljarden geïnvesteerd in de EQ-lijn om met aalgladde modellen als de EQS te komen. Dan heb je flinke batterijen nodig in je zeecontainer om ook maar in de buurt te komen van dezelfde prestaties. Om over de efficiëntie maar te zwijgen.

Nee, doe dan maar gewoon een V8. Of diesel. En voer hem uit zoals de Stronger Than The 1980s Edition . Dan heb je een échte G-Klasse. Eentje die trouw blijft aan zijn roots. Zo hoort ‘ie.

Toch verandering

Toch denken wij dat als Land Rover met een elektrische Defender zou komen, het idee niet zo buitenaards zou aanvoelen. Daar is het icoon van LaRo echt wel modern genoeg voor dezer dagen. Tijd voor een stukje dagdromen: wat als Mercedes ook op een gegeven moment een ommezwaai had gemaakt wat betreft de G-Klasse, zodat een elektrische versie minder ongepast zou voelen? Gelukkig is die dagdroom tweemaal visueel geworden.

Ener-G-Force

De eerste kwam van Mercedes zelf. In 2012 toonde het merk de Ener-G-Force Concept. Een naam die niet impliceert dat het een nieuwe G moet worden, maar door de woordspeling zijn raakvlakken niet per ongeluk. Mercedes was rond deze tijd nog aan het experimenteren met waterstof en de Ener-G-Force zou dan ook een FCEV worden.

Alles wat een Mercedes G-Klasse een G-Klasse maakt, zit wel verwerkt in de Ener-G-Force. Offroad-achtig silhouet, alleen zijn de hoeken rondingen geworden. De knipperlichten bovenop de wielkasten, zijn er ook. Kleine, rechthoekige achterlichten onderaan de kofferbak en natuurlijk een soort reservewiel waar die bij de G-Klasse echt zou zitten. De Ener-G-Force uit 2012 was een wild concept, maar zorgde niet voor een ommezwaai. Maar als elektrisch zustermodel van de G zou dit nog best een toffe optie zijn.

Ares X-Raid

Je kon namelijk wel een Mercedes G-Klasse kopen die een frisse neus gehaald had. Toch een beetje wat gebeurd zou zijn als de Ener-G-Force op basis van de G in productie gegaan was. Met dank aan Ares Design. Deze firma van Danny Bahar (ex-Lotus-topman) heeft meerdere gekke designs, maar de X-Raid op basis van een gelifte G is misschien wel de meest bijzondere.

De X-Raid is uiteraard gebaseerd op een G63, maar is zo compleet herzien dat je goed moet kijken. Qua verlichting is hij gelijkgeschakeld met de andere Mercedessen, door de koplampen van een C (W205) en achterlichten van een GLC (X253) te gebruiken. Om tot eenzelfde effect als de Ener-G-Force te komen, is er allerlei plaatwerk toegevoegd om tot meer rondingen te komen.

Als evolutie van de G-Klasse is de Ares X-Raid… bijzonder. Het bedrijf probeerde nog het één en ander goed te maken door de 5.5 liter V8 op te voeren naar 750 pk. Maar ja, in zo’n zeecontainer, als dat maar goed gaat. Overigens wist Ares door de koets van koolstofvezel te maken wel 200 kilo te besparen. Mag ook wel, want het ding kostte tegen de 350.000 euro.

Een gemoderniseerde Mercedes G-Klasse, het kan dus wel. Maar je moet gevoel voor humor hebben. Als je dan toch ongepaste dingen gaat doen met een G, dan kan een EV-aandrijflijn er ook nog wel bij. Of doet Mercedes het gewoon goed door de hoekige G te houden?

Dit artikel Wat als de Mercedes G-Klasse wél met zijn tijd mee was gegaan? verscheen eerst op .

Comments

Popular posts from this blog

Ja, echt waar: Deze Straatlegale Porsche 963 RSP Is pure Porschefanatiek

Het leuke van toerwagenracerij, is dat de auto’s die je ziet, lijken op die van jou en jouw buurman. Het racen met prototypes is eveneens geweldig, maar het zijn geen auto’s die je op straat tegenkomt. In de jaren 90 waren er hyperexclusieve straatversies van diverse GT1-raceauto’s, maar die jaren liggen inmiddels ook ver achter ons. Tot nu dan, want de Porsche 963 RSP is precies dat: een raceauto voor op de straat. Daarmee heeft Porsche eindelijk een opvolger voor de 911 GT1 Strassenversion , een Le Mans racer met kentekenplaatverlichting en verwarming. In principe is de 963 RSP ook zo’n auto. Als je er zo naar kijkt, lijkt het gewoon op een raceauto vlak vóór het moment dat de stickers erop geplakt worden. De auto is te zien met een speciale straatlegale 917 uit de jaren 70 op en rond Le Mans. Dat is natuurlijk geen toeval, binnenkort houdt men daar de legendarische 24 uursrace. Raceauto voor de op de straat Het idee voor de Porsche 963 SP kwam vorig jaar bij de Petit...

Lynk & Co 01 2021-2024: Jouw Aankoopadvies voor een Gebrauchte Wagen

Alle ins en out vertellen we je in het occasion aankoopadvies van de Lynk & Co 01 2021-2024. Deze keer in ons occasionaankoopadvies een auto die in eerste instantie helemaal niet werd aangeschaft. Kon wel, maar de meeste mensen namen er een abonnement op. In den beginne voor slechts 500 euro per maand. Koopje en daar houden Nederlanders van! Nu anno 2025 is de auto uitgeroepen tot occasion van het jaar en dus de hoogste tijd voor een occasion aankoopadvies van de verre neef van de Volvo XC40, de Lynk & Co 01. Sommige auto’s worden beroemd doordat ze bijzondere prestaties hebben neergezet, andere auto’s omdat ze onderdeel werden van een complete generatie. Een T-Ford, Kever of Fiat 500 is niet direct een heel bijzondere auto, maar wel als je ziet wat ze teweeg hebben gebracht. De Lynk & Co 01 zal niet direct de geschiedenis ingaan als een klassieker in wording. Maar het is wel een bijzondere wijze waarop je de auto aanschaft en hoe je er vervolgens geld mee...

Nintendo Switch 2 zo duur? De waarom achter de stijgende prijs

De nieuwe Nintendo-spelcomputer die vandaag wereldwijd gelanceerd is, de Switch 2, oogstte kritiek van gamers omdat de prijs van 470 euro te hoog zou zijn. Maar is-ie ook echt overdreven duur? Gamejournalist Martin Verschoor van Power Unlimited legt uit waarom die prijs volgens hem wél redelijk is. Zelf moest hij ook 'eventjes slikken' toen Nintendo de prijs bekendmaakte van de tweede generatie van de Switch. 470 euro. "Oef, dacht ik, 470 euro, dat is best wel stevig." En hij was niet bepaald de enige. Op sociale media regende het klachten dat de prijsverhoging ten opzichte van de eerste generatie wel wat stevig uitviel. De Switch 1 kostte bij de introductie in 2017 namelijk nog 329 euro. Een goeie 140 euro erbovenop, dus. Is dat niet iets te gortig? "Bij nader inzien niet", zegt Verschoor. "Ik vind de prijs heel goed te verdedigen." Enorme teams Reden nummer één: de ontwikkelkosten. Waar games pakweg tien jaar geleden nog met te...